Wat leeft er in een getijdenbak?

  • Garnalen – hier meestal grijsachtig doorschijnend. Kunnen zich snel ingraven en houden hun oogjes net boven het zand. Net periscopen!
  • Krabbetjes en kreeften zoals de kleine heremietkreeft. Deze heeft een kwetsbaar achterlichaam, waarmee ‘ie in het slakkenhuis van bijvoorbeeld een tepelhoren of alikruik kruipt.
  • Anemonen zien er onder water prachtig uit! In de Oosterschelde komen onder andere de paardenanemoon, zeedahlia en de zeeanjelier voor. Je kunt ze voorzichtig aanraken: ze prikken niet en voelen hooguit wat kleverig.
  • Japanse oesters, de Oosterschelde zit er vol mee. Pas wel op voor de scherpe randen.
  • Er zwemmen ook visjes in de getijdenbak. Zwarte grondels bijvoorbeeld, die vaak onder water op de stenen liggen te ‘zonnen’.

Tip: Neem een schepnetje en een witte bak of emmer mee. Zo zie je pas echt goed wat er allemaal leeft!

Opkomend tij

Hoe ontstaat het getij?

In ruim zes uur wordt het vloed – het water wordt hoger, daarna wordt het in dezelfde tijd eb – het water wordt weer lager. Eb en vloed ontstaan door de aantrekkingskracht van de maan op het water op aarde.

 

De maan trekt als het ware aan het water, waardoor het water in de zeeën een bepaalde kant op beweegt. De aarde draait om haar eigen as en om de zon heen. Daardoor is de plek waar de maan het sterkst aan het water trekt telkens verschillend.

 

Bekijk het WERKELIJKE GETIJ en UITLEG.

Meer weten?

Meer over het Getij